Internet wijzigt relatie tussen kunstenaar en museum

Het internet zal de relatie tussen de kunstenaar en de museumwereld van de toekomst grondig veranderen. Dat meent Christine Van Assche, curator nieuwe media van het Centre Pompidou in Parijs naar aanleiding van de overzichtstentoonstelling ‘Video Art 1965-2005’ die nog tot 25 februari wordt georganiseerd. Daarin wordt de evolutie van de sector tijdens de voorbije veertig jaar geschetst.

“Vooral de jongste tien jaar zien we een hele evolutie in de sector,” vertelt Christine Van Assche in The Australian. “In Europa beginnen steeds meer mensen te begrijpen wat videokunst is. Het is dan ook belangrijk te tonen hoe alles begonnen is en welke kunstenaars daarbij betrokken zijn. Bovendien willen we ook het proces achter het werk aan het publiek tonen.”

Er zijn volgens Christine Van Assche belangrijke verschillen te ontwaren tussen een filmmaker en een videokunstenaar. “Video is een veel toegankelijker medium,” voert ze aan. “Het is gebruiksvriendelijker, de camera is goedkoper en de beelden kunnen op computer bewerkt worden. Men hoeft de film niet naar een laboratorium te sturen. Maar vooral inhoudelijk zijn er duidelijk verschillen. Een videokunstenaar gebruikt niet-lineaire verhaallijnen. Er is geen begin en geen einde. Het werk gaat oneindig door.”

Maar de curator wijst erop dat nieuwe media vooral een boeiende inhoud en presentatie nodig hebben. “Het publiek is immers gewoon geraakt aan digitale manipulaties, gsm-beelden, computerbeelden en gigantische flatscreens,” benadrukt ze. “Daardoor hebben de video-installaties in galerijen ook geen verrassings- of schokeffect meer.”

Nieuwe media zetten musea ook voor nieuwe problemen, vooral wanneer ooit vooruitstrevende technologieen verouderd raken. “In het Centre Pompidou zijn we al het videowerk aan het digitaliseren, zodat we alle installaties op vraag van de bezoeker op computer kunnen tonen,” merkt ze op. “We hebben nu een duizendtal werken die we op die manier aan het publiek kunnen tonen.”

“Wanneer we een werk kopen, zijn we er ons goed van bewust dat de technologie kan veranderen en dat we in staat moeten zijn om oplossingen te vinden,” aldus nog Christine Van Assche. “We proberen alle installaties op cd-rom te bewaren, want computers en computerprogramma’s zijn bijzonder moeilijk te dupliceren. Wanneer er problemen opduiken, proberen we samen met de betrokken kunstenaar voor individuele oplossingen te zoeken.”

De curator stelt dat dit evenvoudig lijkt, maar merkt op dat zelfs het overzetten van oude televisiemonitors naar flatscreens niet gemakkelijk is. “Vele kunstenaars houden niet van flatscreens omdat het hun werk bijzonder vlak maakt,” zegt ze. Op internet komt de collectie voorlopig echter niet. “Daarvoor hebben we de rechten niet,” merkt Christine Van Assche op. “Maar indien we die wel hadden, zouden we de hele verzameling online plaatsen.”

Het internet zal volgens de curator echter duidelijk een invloed hebben op de museumwereld van de toekomst. “De relatie tussen de kunstenaar en de toeschouwer, met het museum als tussenpersoon, zal in de toekomst zeker veranderen,” zegt ze. “Veel kunstenaars werken al met de computer en bekijken alles op computer. Er zal een wijziging komen in de relaties tussen het museum en het internet. Er zal een verschil komen tussen het artistieke proces en het museum.”

Sommige kunstenaars beginnen volgens Christine Van Assche zelfs al het museum over te slaan en gaan rechtreeks naar het internet. “Soms kopen we ook websites,” voert ze aan. “Maar we kunnen hen niet online kopen omdat de kunstenaar zijn bezoeker soms naar reclame voert en dat willen we niet. Dus kopen wij die websites op cd-rom.”

Door de goedkopere apparatuur komt er volgens de curator ook een geografische verschuiving. “Vooral in China, India, Thailand en sommige Afrikaanse regio’s staan veel videokunstenaars op,” zegt de curator. “Er zijn nu meer videokunstenaars dan ooit voordien.” Die opmerkelijke groei heeft er volgens Christine Van Assche ook toe geleid dat steeds meer kunstenaars en toeschouwers beelden kunnen lezen en uiteen rafelen.
XXX